Samenhang binnen RGI - kennisthema’s
Ruimte voor Geo-Informatie wil de geo-informatie infrastructuur (NGII) in Nederland verbeteren en innoveren. Dit bevordert een goed functionerende overheid en een gezond bedrijfsleven. Verbinding van vraag en aanbod rond de NGII staan centraal. Daarbij is het RGI-programma geordend volgens vier centrale kennisthema's.
Vier kennisthema's
Ruimte voor Geo-Informatie is gestructureerd volgens vier centrale kennisthema’s (zie schema):
Het kennisthema NGII richt zich op ontwikkeling en versterking van de geo-informatie infrastructuur. Daarmee vormt dit thema de basis van RGI. Maar de overige thema’s zijn niet minder belangrijk. Zij zorgen ervoor dat de NGII geen ivoren toren wordt, maar aansluit op de wensen en ontwikkelingen van de maatschappij. En dragen daarmee bij aan de verankering en (financieel) draagvlak voor de NGII. Onderhoud van een infrastructuur kost immers veel geld en vereist daarom draagvlak. Vraag en aanbod zijn zo beide vertegenwoordigd in het programma. Het programma kenmerkt zich verder door een combinatie van science & practice. Impliciet is er daarmee nog een vijfde kennisthema: Wetenschap. Deze bevat de wetenschappelijke dwarsdoorsnede van de projecten en innovatiepilots uit het programma.
Ruimte voor Geo-Informatie is gestructureerd volgens vier centrale kennisthema’s (zie schema):
- Nationale Geo-Informatie Infrastructuur (NGII)
- Openbare Orde & Veiligheid
- Ruimtelijke Ordening & Inrichting
- Consumenten & Leerlingen
Het kennisthema NGII richt zich op ontwikkeling en versterking van de geo-informatie infrastructuur. Daarmee vormt dit thema de basis van RGI. Maar de overige thema’s zijn niet minder belangrijk. Zij zorgen ervoor dat de NGII geen ivoren toren wordt, maar aansluit op de wensen en ontwikkelingen van de maatschappij. En dragen daarmee bij aan de verankering en (financieel) draagvlak voor de NGII. Onderhoud van een infrastructuur kost immers veel geld en vereist daarom draagvlak. Vraag en aanbod zijn zo beide vertegenwoordigd in het programma. Het programma kenmerkt zich verder door een combinatie van science & practice. Impliciet is er daarmee nog een vijfde kennisthema: Wetenschap. Deze bevat de wetenschappelijke dwarsdoorsnede van de projecten en innovatiepilots uit het programma.
